Terwijl de wereld steeds meer digitaliseert, worden programmeurs steeds meer gezocht. Maar het aanbod is ook groot. Als je wil opvallen in de massa, is het handig om te kunnen bewijzen dat je op de hoogte bent van de laatste trends en ontwikkelingen.

Dit houdt in dat professionals zich altijd moeten ontwikkelen en zich nieuwe vaardigheden zouden moeten aanleren. Sommige programmeertalen zijn gespecialiseerd in het oplossen van specifieke problemen of om het leven van een developer een stuk makkelijker te maken.

Hieronder vind je vijf programmeertalen die een krachtige toevoeging kunnen zijn in je codeer-vocabulaire.

R

De grootste trend in de afgelopen jaren is de opkomst geweest van big data analytics. Het toegang hebben tot een enorme hoeveelheid bronnen van informatie kan een oneindige stroom mogelijkheden geven voor bedrijven. Mits ze weten hoe ze het effectief en efficiënt kunnen gebruiken. Maar het coderen op een schaal als deze is een uitdaging.

Voor traditionele oplossingen althans. De codeertaal R is ontworpen om gebruikt te worden in statistiek, data analyse en grafische vertegenwoordiging. Daarom is het binnen korte tijd uitgegroeid tot een grote taal bij data onderzoekers.

Wanneer je data wil visualiseren is R een makkelijke oplossing, mits je de leercurve voorbij komt.

Go

Go is ontworpen door Google voor gebruik bij systemen op grote schaal. Het is daarom een programmeertaal die makkelijk meeschaalt met multicore omgevingen, wat oudere talen niet altijd ondersteunen.

Daardoor is het één van de snelst groeiende talen op dit moment.

Daarnaast staat de taal toe dat er duizenden taken tegelijk worden uitgevoerd. De code is ook erg overzichtelijk en makkelijk te onderhouden. Dit is vaak van toegevoegde waarde voor grote organisaties met veel programmeurs die elk een eigen stijl hebben.

Kotlin

Programmeren voor mobiele applicaties wordt steeds belangrijker. Daarom is Kotlin één van de snelst groeiende talen in 2018 geweest.

De taal maakt het ontwerpen van apps voor Android makkelijker en sneller. Het is een efficiënte taal, die minder lijnen code nodig heeft dan andere talen om hetzelfde te bereiken. Daarnaast zijn er ook een aantal features ingebouwd om het aantal bugs en crashes te reduceren.

Omdat het volledig te combineren is met Java zijn apps die zijn gebouwd in Java makkelijk te migreren naar Kotlin. Veel apps die eerst in Java waren gemaakt zijn daarom overgestapt op Kotlin.

TypeScript

Deze taal zal bekend voor komen als ze bekend zijn met Javascript. TypeScript lijkt veel op de bekende programmeertaal, maar is veel krachtiger voor applicaties op grote schaal.

Die extra mogelijkheden tot schaal zijn in de huidige productieomgevingen een groot voordeel. Daarnaast biedt TypeScript ook een veiliger en meer voorspelbare ervaring. De complexe en soms rommelige JavaScript code kan gestroomlijnd worden als deze naar TypeScript wordt gemigreerd.

Rust

Rust is ook een enorm gewaardeerde taal die snel groeit. Volgens Stack Overflow vindt zelfs driekwart van de ondervraagde developers het fijn om mee te werken.

De programmeertaal wordt vaak vergeleken met C wanneer er wordt gekeken naar toepassingen en prestaties. Het grote verschil met Rust is dat het beter omgaat met geheugen. Er zullen geen buffer overflows plaatsvinden of andere geheugenfouten die vaak voorkomen bij (op dat moment gefrustreerde) C developers.

Ook al is het lastiger om eigen te maken dan C, wegen de voordelen van memory safety en stabiliteit vaak op tegen de leercurve.